Produceren koeien met een naam meer melk?

Vijfheerenlanden – Iedere boer weet dat koeien met liefde en aandacht moeten worden behandeld. Dat zou zelfs positief uitwerken op hun melkproductie. Twee Engelse onderzoekers gaan nog een stapje verder en beweren zelfs dat koeien met een eigen naam beter presteren.

Catherine Douglas en Peter Rowlinson van de universiteit van Newcastle deden onderzoek bij 516 melkveebedrijven in Engeland. Ze komen tot de conclusie dat koeien met namen 3,4 procent meer melk produceren. Koeien houden er immers niet van behandeld te worden als een anoniem kuddedier. “Net zoals mensen zich prettiger voelen wanneer ze persoonlijk aangesproken worden, voelen koeien zich ook gelukkiger en meer ontspannen wanneer ze een beetje extra individuele aandacht krijgen. Dat kan bijvoorbeeld door hen aan te spreken met een nam of door een intensievere interactie te onderhouden met de dieren.”

Ouderwetse meisjesnamen

In de Europese Unie krijgen alle koeien twee gele oorbellen met daarop een streepjescode. In Nederland bestaat daarnaast al eeuwenlang een traditie om koeien namen te geven. Bertil Muller, werkzaam bij de Coöperatieve Rundveeverbetering Delta,  is in Nederland een autoriteit als het om veelvoorkomende koeiennamen gaat. De meeste koeien krijgen ouderwetse meisjesnamen. Bertha staat nog altijd met stip op nummer 1, gevolgd door Mina, Aaltje, Emma, Marie, Dora, Grietje, Pietje, Geertje en Anna. “Een boer noemt een koe zelden bij z’n naam”, vertelde Muller onlangs voor de NCRV-radio. “Als je tegen een koe Mina of Dina roept, begrijpen ze niet gelijk dat ze moeten komen. Veel belangrijker is het stemgeluid van de boer. Die herkennen ze wel.”

Aandacht

Jan Zijderveld, boer op het Hoogeind in Leerdam, is er nog niet zo van overtuigd dat een naam direct van invloed is op de melkproductie van de koe. “Wel geloof ik dat koeien meer melk produceren als ze wat meer aandacht krijgen van de boer. Af en toe een aai over hun bol doet soms wonderen. Als een koe het naar z’n zin heeft, dan begint ‘ie lekker te herkauwen en dat werkt uiteindelijk positief uit op de melkproductie. We zeggen vaak: als het tussen de oren goed zit, dan zit het van achteren ook meestal wel goed. Het tegendeel is ook waar: een gestresste koe produceert minder melk.”

Verbaasd

Boer Willem van den Berg uit Meerkerk reageert verbaasd op de uitkomsten van het Engelse onderzoek. “Ik geloof er echt geen snars van. Wij hebben vleeskoeien en die worden niet met hun naam aangesproken. Ja, soms geven we ze scheldnamen zoals ‘krompoot ‘ of  ‘ouwe trut’. Maar wij vertroetelen onze beesten wel. We zijn lief voor ze. En daardoor groeien mijn vleesraskoeien vijf kilo per dag meer als bij een andere boer. Ze liggen schoon in het stro, ze lopen niet door de stal met strontpoten. Dat is ook de reden dat mensen uit heel Nederland komen kijken dat ik van die mooie dieren heb.”

Minder angst

Ook overbuurman Arjan Blokland merkt dagelijks dat koeien meer melk produceren als ze goed worden behandeld. “Mijn koeien hebben alleen nummers, maar ik ken ze wel stuk of stuk. Contact met je dieren werkt positief. Daardoor kun je je dier makkelijker benaderen, hebben ze minder angst en dat vertaalt zich in meer productie. Het belangrijkste is dat een koe zich lekker voelt, dat ze goed verzorgd wordt, dat ze een ruime en schone stal hebben. En dat ze fris drinkwater krijgen en vers voer. Tegenwoordig heb je koeborstels, die vanzelf aangaan als ze er tegenaan lopen. Dat zijn allemaal van die kleine dingen. Dat is belangrijker dan dat ik de hele dag tegen die koe loop te praten.”

Stamboek

Herman Scherpenzeel uit Nieuwland heeft 250 stuks stamboekkoeien. Dat koeien met namen meer melk produceren, heeft volgens hem niet zozeer met de naam van de koe op zich te maken. “Maar wel met het feit dat de boer die de koe een naam geeft meestal ook wel iets nauwer betrokken is bij zijn beesten.” De meest voorkomende naam in de stal van Scherpenzeel is Pie. “De dieren hebben een naam en een volgnummer. Daardoor weten we dat het nakomelingen zijn van een moederkoe met dezelfde naam. M’n vader en opa waren ook al bezig met stamboek. We hebben in onze stal een Marrie 250. Dat is er eentje uit een sterk geslacht.”

Voor Scherpenzeel is elke koe bijzonder. “Ondanks het grote aantal, houd ik ze elke dag stuk voor stuk goed in de gaten. Dat gebeurt tegenwoordig op een moderne manier, met sensoren. Via een computer kan ik exact bijhouden of een koe goed in z’n vel zit of niet. Als het niet goed is, kan ik gelijk ingrijpen.”