Everdingen 0149+ De Viaanse fotograaf Hennie Marks en stadsgenoot Dick Kerkhof twijfelen geen moment bij de vraag naar hun favoriete plekje: De Everdinger Waarden. Het uiterwaardengebied dat vroeger nog volop werd bemest en waar de koeien graasden, ontwikkelde zich na de kleiafgraving van 2000-2006 tot een uniek natuurgebied met allure.

De Everdinger Waarden is een heel veelzijdig gebied met hooilanden, rietkragen, strangen, slikplaten, rivieroevers, meidoornhagen en moerasbos. Het is een populair gebied voor fotografen.

Hennie Marks kan met zijn professionele apparatuur urenlang ronddwalen door het gebied. ‘Ik houd vooral van de uitgestrektheid. Je kunt heel ver kijken. Dan ontdek je mooie composities, mooie lijnen. Het mooie van de Everdinger Waarden is de rust, de simpelheid. Het is er een beetje kaal en daardoor word je niet afgeleid door allerlei rommelige elementen.’

Maar het zijn ook de kribben, de moerasvogels en vooral de fantastische luchten die hem eindeloos bekoren. ‘Bijvoorbeeld een strakblauwe hemel afgezet tegen het gele riet vind ik prachtig. Of je ziet soms aan de overkant van de Lek bij Schalkwijk van die donkere onweersbuien verschijnen, terwijl het aan deze kant nog prachtig weer is. Dat levert fantastische plaatjes op.’

Het mooiste moment van de dag zijn die tien minuutjes in de vroege ochtend, als de zon net boven de horizon uitsteekt. Het gouden kwartiertje. ‘De mooiste maanden zijn voor mij oktober en november. Dan heb je een overgang naar kouder weer en dan hangen boven het gebied van die flarden mist. Prachtig.’

Vogelgebied
De Everdinger Waarden zijn een belangrijk vogelgebied. In de rietkragen gonst het van de kleine karekieten, rietzangers, blauwborsten en andere zangvogels. Ook het baardmannetje en de geheimzinnige roerdomp worden regelmatig gespot.

Op de slikplaten en langs de oevers van de strangen dribbelen steltlopers zoals kluten, wulpen en groenpootruiters, driftig op zoek naar voedsel. Weidevogels komen vanaf maart na een vermoeiende trek op krachten in de nieuwe moerassen in de Lekuiterwaarden. Soms heb je het geluk dat ze met z’n allen wegvliegen. ‘Met de kerk van Everdingen op de achtergrond levert dat adembenemende plaatjes op’, zegt Marks.

Ook de lepelaars en de grote en kleine zilverreigers zijn vanaf de Lekdijk en de wandelpaden te bewonderen.

Botanisch
‘Niet iedereen weet dat het ook botanisch een interessant gebied is’, zegt Dick Kerkhof (69), die al vanaf zijn tiende het veld ingaat om planten te bestuderen.

‘Dertig jaar geleden waren de Everdinger Waarden nog een bemest agrarisch gebied. Heel voedselrijk, dus slecht voor de groei van bijzondere planten. Alleen in de zandige kribvakken bij de Lek was nog wel wat te vinden, bijvoorbeeld kattendoorn en zacht vetkruid, en ook langs de oevers, waar je geoord helmkruid kon tegenkomen. In de lage kwelmoerasjes langs de winterdijk had je leuke soorten als grote boterbloem, waterviolier en groot blaasjeskruid.’

Dick Kerkhof heeft samen met andere natuurmensen vanaf ongeveer 1990 bij Rijkswaterstaat en de provincie Zuid-Holland geijverd voor een ander beheer van de Everdinger Waarden. Het hoge water van 1995 zorgde voor een ommekeer in het denken. ‘Daarna werden in recordtempo de dijken versterkt, maar ook moesten er op stel en sprong plannen worden gemaakt voor de uiterwaarden. Eén ding was voor ons belangrijk: dat schone kwelwater moesten we houden. Maar de dijkversterking had nog een gunstig effect. Er moest in de uiterwaarden veel klei worden afgegraven voor de dijkversterking en om nieuwe geulen te maken.’

Orchideeën
Daardoor werd de bovengrond veel zandiger en veel voedselarmer. Kerkhof had vanaf het begin hoge verwachtingen over de effecten van de maatregelen. Elk jaar werd het gebied rijker en rijker. ‘Op een plek waar voorheen alleen triviale hardgroeiers wilden groeien, zoals Engels raaigras en akkerdistel, kwamen beetje bij beetje de zeldzame plantensoorten terug. Er kwamen veel plekken die niet onder water stonden, maar die nog wel vochtig waren. Het gevolg was dat je een soort duinvalleivegetatie kreeg, waar inmiddels acht soorten orchideeën groeien. ‘Dat is echt spectaculair.

Maar ook bijvoorbeeld het geelhartje, het fraai duizendguldenkruid, het rond wintergroen en diverse bijzondere kalkmossen, waaronder enkele die op de Europese Rode Lijst staan, kregen opnieuw alle ruimte om tot wasdom te komen. Het gaat om kwelderknikmos, roodmondknikmos en kalkeendagmos.

Het resultaat is fantastisch, vindt Kerkhof. ‘Een bewijs dat natuurontwikkeling echt mogelijk is. Tussen Acquoy en Asperen, bij Buren, tussen Vleuten en Harmelen zijn tientallen jaren geleden weliswaar ook zulke duinvalleivegetaties ontstaan als gevolg van afgravingen, en recentelijk ontstond bij Ameide nog een nieuw stukje, maar het gebied bij Everdingen is vier tot vijf keer zo groot en strekt zich over een kilometer uit van het fort tot aan dorpskern van Everdingen. Dat is geweldig. Want daardoor is ook het ‘landingsgebied’ voor plantensporen en lichte plantenzaden heel groot. We gaan komende jaren zeker nog meer spectaculaire ontdekkingen doen.’

Dick Aanen,

Magazine Vijf, juni 2020