RIVIERENGEBIED • Het Rivierengebied is in 1995 een een paar dagen wereldnieuws, als een kwart miljoen mensen moeten vluchten voor het hoge water.

Het waterpeil in de grote rivieren stijgt eind januari, begin februari 1995 tot extreme hoogte: ongeveer 16,75 meter boven NAP bij Lobith. Zo hoog is het sinds de watersnood van 1926 niet meer geweest. Vanaf zaterdag 28 januari zijn bij de waterschappen alle benodigde voorzorgsmaatregelen al genomen. Coupures worden gesloten en er is permanente dijkbewaking.

Er wordt serieus rekening gehouden met de mogelijkheid dat het mis gaat. Er wordt noordwester storm verwacht in combinatie met springtij. Dat betekent dat het rivierwater niet af kan stromen naar zee. Een worst case scenario.

Evacuatie
Op zondag is er koortsachtig overleg op het provinciehuis van Gelderland. Een dag later wordt besloten tot evacuatie van de Bommelerwaard en een gedeelte van het gebied rond Nijmegen. Eerst vrijwillig, daarna verplicht. Een dag later volgt het besluit tot evacuatie van de Tieler- en Culemborgerwaarden. Uiteindelijk zullen zo’n 240.000 mensen vertrekken.

Kleyn Trucks in Vuren is in 1995 het eerste bedrijf dat besluit om te evacueren. Het wordt een megaoperatie. In korte tijd moeten maar liefst 1700 vrachtwagens van het terrein worden weggehaald.

Daadkrachtige burgemeester
Ook de situatie in Gorinchem is penibel. De gemeente behoort bestuurlijk tot Zuid-Holland. Maar het oostelijk deel van de stad vormt het laagste gedeelte van de Tieler- en Culemborgerwaard. In een huis-aan-huis bezorgde brief van de gemeente staat een dramatische passage: Het heeft weinig zin huisraad naar hogere gedeelten te brengen. De vloedgolf na een dijkdoorbraak zal het hele gebied zo’n vijf meter onder water zetten.’

Burgemeester Piet IJssels maant de inwoners tijdens een emotionele informatiebijeenkomst in sporthal De Oosterbliek om te vertrekken. “U moet voorkomen in paniek te raken. Wanneer de sirenes gaan loeien, hebben wij absoluut geen tijd te verliezen.”

Hectiek
Het hele Rivierengebied beleeft hectische tijden. Veel bewoners slepen hun huisraad in allerijl naar de bovenverdieping van hun woning. Of ze laden hun kostbare inventaris in caravans, op open laadbakken, in vrachtauto’s of grote verhuiswagens. Er wordt massaal ingeslagen. Iedereen is aan het bellen met familie of vrienden om opvang te regelen. In het nog bijna mobielloze tijdperk raakt het telefoonnetwerk overbelast.

‘Geen chaos’
Toch is er geen sprake van chaos, zegt de toenmalige burgemeester Ed van Tellingen van Tiel in een terugblik. Het is gebleken dat mensen van te voren goed hebben nagedacht over een eventuele evacuatie. “Vrijwel iedereen ging naar familie, vrienden, kennissen. Slechts zo’n twee procent van de mensen maakt gebruik van de opvanglocatie die her en der in het land worden ingericht.”

Maar niet iedereen kan de rust bewaren. Dat is ook te zien op de snelwegen, waar het verkeer door de vertrekkende evacués totaal vastloopt. “Het verkeer leek inderdaad in paniek, veewagens slingderden over de weg, volgestouwde personenauto’s haalden rechts en links in”, zegt een ooggetuige.

Uitgestorven
Het plotselinge vertrek maakt een onuitwisbare indruk op veel mensen. Overal rijden ME-busjes. Het lijkt soms wel oorlog. In de dagen daarna zijn de dorpen en steden uitgestorven. Het is onwezenlijk.

Het is ook spannend voor gemeentevoorlichter Co van Leeuwen van de gemeente Geldermalsen: “Het is natuurlijk wel heel bijzonder wanneer je als gewoon gemeentevoorlichter plotseling cameraploegen uit Japan en Duitsland te woord moet staan en wanneer je met een bootje van de genie over de Waal mag varen.”

Er zijn ook mensen die echt zwaar worden getroffen. Camping De Vrijheid in de uiterwaarden bij Tienhoven wordt zwaar getroffen. Alle caravans komen tot aan het dak onder water te staan. “We hebben dag en nacht gestreden. Het was tevergeefs. We hebben verloren”, zegt eigenaar Ben Nijhuis in Het Kontakt.

Ochten
Ondertussen wordt op diverse plekken met man en macht aan de dijk gewerkt. In het Betuwse dorp Ochten wordt een scheur in de dijk gesignaleerd. Grote paniek. Honderden militairen komen helpen  om de verzwakte dijk met zandzakken te versterken. Het levert prachtige televisiebeelden op. De dag erna brengt koningin Beatrix een bezoek aan het rampgebied. Op rubberlaarzen.

De inwoners van de Alblasserwaard/Vijfheerenlanden hoefden niet te evacueren. Met uitzondering dan van Boven-Hardinxveld, een smal stukje ingeklemd tussen de Merwededijk en de rijksweg A15.

Toch was er in die week extra waakzaamheid geboden bij de Wolpherensedijk tussen Gorinchem en Hardinxveld, in wijk De Hagen in Vianen en het gebied tussen Lexmond en Vianen. In Gorinchem werd het waterpeil in het Kanaal van Steenenhoek verhoogd om zodoende tegendruk te bieden aan het rivierwater aan de andere kan van de dijk.

Niet evacueren
Op donderdag 2 februari, toen het grootste gevaar was geweken, adviseerde dijkgraaf Anne Wind aan de commissaris van de Koningin mevrouw Leemhuis om de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden niet te evacueren. Het gebied was veilig genoeg, zo luidde zijn conclusie. Mocht het toch mis gaan, dan zou er worden gekozen voor het ‘vege lijf’-scenario, een scenario waarbij have en goed achter zou moeten worden gelaten. Anne Wind was zich terdege bewust van de risico’s. “‘s Avonds stond ik op de dijk te kijken naar die enorme brede rivier, wat een water! Ik weet nog dat ik dacht: ‘wat nou als we het mis hebben.’”

Dreiging heel actueel
Voormalig burgemeester Kees Bakker van Giessenlanden was er absoluut niet gerust  op: “De dreiging van de Wolpherensedijk was heel actueel. Als deze zou doorbreken, zou het water grotendeel in het kanaal van Steenenhoek terecht komen. De kade zou daar hoogstwaarschijnlijk onder bezwijken. Het water zou de hele regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden instromen. Aangezien Schelluinen de eerste was die met het hoge water te maken zou krijgen, was aan mij de keuze. Niet eenvoudig, want in Giesselanden wonen heel veel boeren, die zouden allemaal hun hele veestapel op moeten pakken. Moet je je voorstellen.”

Bakker weet zich die bewuste donderdag ook nog heel goed te herinneren. ‘s Ochtends was de wethouder bij een overleg geweest in Gorinchem. “De wethouder kwam gerustgesteld terug, het zou zo’n vaart niet lopen in de regio.” Diezelfde middag was er opnieuw een overleg, met de burgemeesters.

“Daar stond de sfeer echter in het teken van dijkdoorbraken. En niet of, maar wanneer we de regio Alblasserwaard Vijfheerenlanden zouden evacueren. Ik had het verhaal van de wethouder nog vers in mijn gedachten en wilde die middag niet beslissen. Hoezeer Dordrecht daar ook op aandrong. Toen heb ik de eenzaamheid en de zwaarte van het ambt wel gevoeld hoor. Daar heb ik nooit meer gehad op die manier. In overleg met de dijkgraaf en zijn directeur  Techniek Wijbren Epema heb ik uiteindelijk besloten niet te evacueren.”

Massale hysterie
Onderzoeksjournalist Rudie van Meurs is in zijn boek Hoog Water uiterst kritisch over de massale hysterie die ontstond in de week van de evacuatie.

“Burgemeester betwistten elkaar het gezag en gedroegen zich als oproerkraaiers; journalisten waren zo uitzinnig van opwinding dat ze scheuren ontdekten die geen scheuren waren. Bang geworden door de beelden van ondergelopen uiterwaarden op de televisie sloegen mensen spontaan op de vlucht. Het bleek of iedereen elk gevoel voor realiteit verloren was.”

‘De scheur van Hurwenen’
Het mooiste voorbeeld was ‘de vermeende scheur van Hurwenen’, die bij  zowel bestuurders als bij de landelijke media voor veel commotie zou zorgen. “De ontdekking werd gedaan juist op het moment dat de verslaggeving tot bijna euforische hoogte werd opgevoerd. Voor CNN, BBC, Sky, de Japanse televisie en de gezamenlijkheid stonden verslaggevers in zwemvesten op de kade van Tiel.”

Ook het NOS-journaal deed gretig verslag van de gebeurtenissen. “Maar”, zo schrijft Van Meurs in zijn boek, “Er was helemaal geen scheur.” Er zaten in Hurwenen wel kleine scheurtjes in het asfalt, maar die hadden niets met de dijk te maken. “Het wegdek was gehavend door grondtransport.”

“Ik ben geen moment bang geweest”, zegt Tini van Doorn in het boek. “Iedereen aan de dijk is blijven zitten, alleen de mensen die hier nog niet zo lang woonden sloegen op de vlucht. De media waren de grootste boosdoener. Als het vroeger hoog water was, zag je daarover niks in de kranten. Het ging gewoon voorbij.”

 Dick Aanen