Zaltbommel – Björn Groenevelt draagt in de oorlog een familiegeheim met zich mee, waarover hij in zijn vorige week gepubliceerde dagboek met geen woord rept.

Björn Groenevelt woont in de oorlog samen met zijn vrouw Lydia, dochtertje Marjolijn in de Waterstraat in Zaltbommel, in een deel van het huis van wijnkoper L. van Boort. Hij is een intelligente twintiger, die gedurende de laatste oorlogsjaren een vooraanstaande functie vervult als secretaris van de voedseldistribuatie in Zaltbommel. In 1944 begint hij een dagboek bij te houden. Hij noemt het zelf ‘onsamenhangende gedachten, neergeschreven op willekeurige momenten, een afspiegeling van het leven zoals ik het onderga…’

Maar zo onsamenhangend blijken zijn gedachten helemaal niet te zijn. Björn is een scherp observator, die op een journalistieke maar ook onderkoelde manier het laatste oorlogsjaar vastlegt, met af en toe een zeer kritische blik richting de bewoners van Zaltbommel en de Bommelerwaard. Het bewerkte dagboek werd afgelopen vrijdag onder de titel ‘Bommen boven Zaltbommel’ gepresenteerd in het Proeflokaal van Luuc van Boort aan de Waterpoort, de plek waar Björn in de oorlog heeft gewoond.

Joodschen bloede
Björn en zijn zes jaar jongere vriendin Lydia trouwen in 1941. Lydia is dochter uit de Portugees-joodse familie Rodrigues Pereira. Ze groeit op in Loosdrecht, Björn komt uit Hilversum. De twee ontmoeten elkaar op een feestje aan de Loosdrechtse plassen. Ook na hun trouwdag wonen ze nog een tijdje in Loosdrecht. Daar wordt ook hun dochter Marjolijn geboren. Het jonge gezin verhuist later naar Jutphaas, maar belandt uiteindelijk in Zaltbommel.

Kort nadat de nazi’s zijn binnengevallen komt de familie Rodrigues Pereira bijeen en spreekt af zich niet te zullen laten registreren als ‘mensen van geheel of gedeeltelijk joodschen bloede’. Zij zullen het Duitse bevel negeren. De familie zal de jodenster niet dragen. Ze bewaren hun geheim, ze wissen sporen. Het werkt. De gehele familie overleeft de oorlog.

Streng gelovige boer
In de eerste oorlogsjaren is het nog rustig in Zaltbommel, maar dat verandert als het stadje in 1944 in de frontlinie komt te liggen. Regelmatig worden er in de omgeving bommen afgeworpen. De bewoners van Zaltbommel moeten evacueren. Het jonge gezin Groenevelt vindt onderdak bij een boer in het naburige Gameren. Dat is wennen, want het gezin is streng gelovig: hervormd op gereformeerde grondslag.“De boer vertelde mij dit ten overvloede”, schrijft Björn in zijn dagboek, “want ik had het zelf al kunnen constateren aan de godsdienstige spreuken die in grote getale alle muren van het huis sieren.”

Groenevelt is regelmatig scherp in de richting van de boeren, die tijdens de hongerwinter weigeren om hun melk voor relatief lage prijzen te leveren voor de voedseldistributie. Terwijl Zaltbommel wordt getroffen door bommen en granaten gaat de opbod en afslag van zitplaatsen in de kerk van Gameren gewoon door. ‘Voor één van de belangrijkste stoelen met kussens hebben twee boeren beiden 450 gulden geboden. Dan doe ik er nog een pond boter bij, zei de dikkop en hij kreeg de stoel voor 475 gulden’. In de laatste week voor de bevrijding laat NSB-burgemeester Boll – in de wetenschap dat hij daar spoedig zal worden opgesloten – de gevangenis onder het raadhuis schoonmaken omdat hij niet in een vieze cel wenst te verblijven.

Wederopbouw
Naast de kleine gebeurtenissen in het eigen gezin (de geboorte van Jan-Bart in het voorjaar van 1945) geeft Björn Groenevelt ook een mooi eigen verslag van het verloop van de oorlog. Hij geeft ook zijn visie over hoe het verder moet na de oorlog. Niet alleen in Europa, maar ook in de Bommelerwaard. Hij ontwikkelt een mooi plan voor een nieuwe haven in Zaltbommel.

Een jaar na de oorlog wordt Björn Groenevelt opgeroepen als dienstplichtig militair, om te worden uitgezonden naar Nederlands-Indië. Hij weigert. Er hangt hem als deserteur een lange gevangenisstraf boven het hoofd. Björn neemt dan de wijk naar New York. Zijn gezin blijft achter in Nederland. In 1948 wordt hij in Zuid-Afrika herenigd met zijn vrouw en kinderen. In 1949 wordt dochter Vera geboren. Björn en zijn vrouw achten begin jaren zestig de tijd rijp om terug te keren naar Nederland. Vanaf 1975 wonen ze weer in Zuid-Afrika. Vera is de enige van de drie kinderen die in Nederland blijft wonen (Herwijnen).

Bommen boven Zaltbommel
Vera is altijd geïnteresseerd geweest in de dagboeken van haar vader. “Dat deze dagboeken bestonden heb ik altijd geweten, maar toen ik in 1986, na de dood van mijn vader, op zoek ging kon ik ze niet vinden. Mijn moeder herinnerde zich het bestaan van de dagboeken niet. Toch bleef ik zoeken. Jaren later vond ik de schriftjes in de garage van haar huis in Johannesburg.”
Omdat het handschrift lastig was te ontcijferen, heeft Vera de dagboeken overgetikt. “Zo werden ze makkelijker leesbaar voor mijn zusje Marjolijn, mijn broer Jan Bart en alle (klein)kinderen. Aan de uitwerking heb ik veel plezier beleefd, omdat het inzicht gaf in de gedachtenwereld van mijn vader en het leven van mijn ouders tijdens de oorlog.”

Voormalig VN-journalist en plaatsgenoot Rudie van Meurs en Hanneke Acker nemen het initiatief om het dagboek te publiceren. Van Meurs heeft het epistel voorzien van een voor- en nawoord.

Dick Aanen, oktober 2015